woensdag 17 september 2008

Op naar Vercelli

De trein naar Vercelli
Op het centraal station van Milaan is het allesbehalve rustig en stil. De stationshal staat net als de rest van het enorme witmarmeren bouwwerk voor een grondige renovatie in de steigers. Het is er een drukte van jewelste en tegelijk een vrolijke chaos. Mensen in alle soorten en maten lopen als mieren door elkaar heen. Een omroeper informeert reizigers aan de lopende band over vertrektijden, treinen en perrons. Voor de perrons roken oude mannetjes sigaretten terwijl ze wachten op wat komen gaat. Op perron vier staat de regionale trein naar Turijn klaar voor vertrek. De trein vertrekt mooi op tijd en mijn reisgenoot en ik zijn op weg naar Vercelli. Het duurt niet lang of Milaan verdwijnt uit het zicht en het landschap gaat over van stad naar platteland. Van beton, stenen en staal naar groen, geel en bruin. De trein rijdt dwars door de provincie en stopt op kleine stationnetjes met namen als Rho en Magenta. Het zijn onbekende dorpjes die het mooie landschap breken en tegelijk karakter geven. De mensen in de trein zijn rustig en spreken met gedempte stemmen. Schuin tegenover mij zit een jongedame. Zou ze ook naar Vercelli reizen? Ze slaapt. Met een papiertje veeg ik een stuk van het vies geworden treinraampje schoon en kijk naar buiten. We zijn duidelijk dieper in de provincie aanbeland en rijden nu door uitgestrekte weilanden en maïsvelden. Hier en daar staan groepjes bomen. Een gigantische koepel steekt aan de horizon hoog boven een stadje uit. Het is de 121 meter hoge koepel van de St. Gaudenzokerk in Novara, de stad waar de legendarische Italiaanse spits Silvio Piola in de nadagen van zijn carrière aan de lopende band doelpunten bleef produceren zoals hij dat altijd en overal had gedaan. Piola begon daar overigens mee in Vercelli, maar daarover later meer.

Het station van Vercelli

Eenmaal buiten Novara wordt het landschap tot aan de horizon gedomineerd door kilometerslange rijstvelden. Vercelli is niet voor niets de Italiaanse hoofdstad van rijst en risotto. De aanblik van de geelgroene velden in de nevelige najaarszon is fantastisch. Ooit stond de actrice Silvana Mangano in de film Riso Amaro hier als onkruidwiedster tot aan haar knieën in het water. Nu rijden enorme oogstmachines over de akkers terwijl de trein het kabbelende riviertje de Sesia passeert en Vercelli ons welkom heet. Enorme silo’s torenen uit boven de overkapping van het perron waar de trein met piepende remmen stopt. De meeste perrons van het stationnetje zijn verlaten en op veel plekken wordt de rails door onkruid overwoekerd. Een tunneltje onder het spoor door leidt naar het stationsplein. De dertiende eeuwse St. Andreabasiliek, die het kampioensfeest van 1908 zeker heeft aanschouwd, is aan de overzijde van het plein gelegen.

Ons hotel ligt iets verderop. Er hangt een jubileumvlag van Pro Vercelli hoog in stok boven de deur. De man achter de hotelbalie begroet ons vriendelijk. Hij stelt zich voor en blijkt de eigenaar van het hotel-restaurant te zijn.
“Wat brengt jullie naar Vercelli?”, vraagt hij nieuwsgierig.
“We zijn gekomen om een wedstrijd van Pro Vercelli te zien“, antwoord ik. De man schudt zijn hoofd in onbegrip en meldt dat hij niet zoveel van voetbal snapt.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen